Spreekwoorden en zegswijzen
• zijn land ligt in zijn schoenen (=hij is een grote opschepper)
• wie de schoen past trekke hem aan (=wie schuldig is mag zich aangesproken voelen)
• weten waar de schoen wringt (=weten waar het probleem zit)
• vast in je schoenen staan (=erg zeker zijn)
• van zijn mast een schoenpin maken (=iets goeds bederven om iets van weinig waarde te bekomen)
Toon alle 29 spreekwoorden die schoen bevatten

Op andere websites
Zoek schoen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek schoen op Google
Zoek schoen op Woordenlijst.org
Zoek schoen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek schoen op Wikipedia